Hoe was onze vakantie?
Het blijft “grappig”. Zodra we (eindelijk) weer terug zijn “thuis” na een reis, komt onvermijdelijk de vraag:
“Hoe was jullie vakantie? Zijn jullie lekker uitgerust?”
Laten we het zo stellen. Deze reis duurde 26 dagen. Daarin legden we 2.200 kilometer af, sliepen we op 8 verschillende plekken, hadden we 14 afspraken en… nou ja, 7 dagen “vrij”…in totaal…
Klinkt als een heerlijke time-out, toch? 7 dagen vrij in bijna een maand? Nou nee. Dat is namelijk inclusief de weekenden. Oeps. Weekenddagen waarop een normaal mens vrij is, maar wij niet. Wij werken dan juist het meest. Waar iemand met een reguliere baan in die 26 dagen zo’n 8 weekenddagen vrij zou hebben, hadden we er 7. Oh, in die 7 dagen zitten ook nog eens reisdagen, dus echt vrij? Nou, niet echt… En dan hebben we het nog niet eens over de werkdagen waarop we met gemak 11 uur per dag draaien.
Dus: hoe onze vakantie was? Welke vakantie? Of we uitgerust zijn? Nee, in tegendeel. Compleet gesloopt komt dichter bij de waarheid.

Zendingswerk is werk, geen hobby. En het is al helemaal geen reguliere 40-urige-werkweekbaan met 5 dagen werken en 2 dagen vrij. Integendeel. En ja, als we dan een dag vrij zijn, gaan we zeker naar familie, vrienden of bezoeken we een museum, maar vakantie? Nee, het komt er niet eens in de buurt.
Hebben we er plezier in? Zeker weten. We vinden ons werk geweldig en mooi om te mogen doen. Maar in alle eerlijkheid: soms, heel soms, verlangen we stiekem terug naar een normale baan. Zo eentje met een vast salaris, pensioen, ziektekosten die betaald zijn en (pak hem beet) 24 echte vakantiedagen per jaar.
En nu? Nu gaan we anderhalve week VOL aan de bak in Schwerin om alle achterstanden in te halen – want het ‘thuis’front loopt ondertussen gewoon door. En daarna? Dan gaan we alwéér twee weken op pad.
En vakantie? We hopen en bidden dat we ergens in december een weekje écht vrij kunnen nemen. Als de financiën het toelaten tenminste, want dit soort zendingsreizen kosten ook nog eens geld… geld dat er eigenlijk niet is.
Dus ach. Als iemand ons nu vraagt hoe onze vakantie was, zeggen we meestal maar gewoon “prima” en lachen we er samen om. Want wat we doen ligt zo mijlenver af van een normale baan, dat is met geen pen te beschrijven.


