Connectie
We beginnen de therapie sessie met stilstaan bij behoeften.
Daarna doen we een tekenoefening waarin 2 minuten een woord omgezet wordt in beweging, vorm, kracht, snelheid van tekenen – met een abstract resultaat. Op dezelfde manier wordt een gevoel uitgewerkt wat past bij de gekozen behoefte en het tegenovergestelde van dat gevoel. Deze twee vellen A3 moeten nu samen verwerkt worden in een nieuw werkstuk.

Ze kiest de behoefte ‘connectie’. Het gevoel wat ze erbij ervaart beeld ze uit in de tekening rechts. Zij is de stip in het midden en overal om haar heen zijn lijnen die elkaar ontmoeten, elkaar raken en zij staat er als stip volledig alleen tussen. Alsof ze er niet bij hoort en er ook niet bij past.
Bij het uitwerken van het tegenovergestelde vindt ze het best ingewikkeld. Ze begint stippen te maken in verschillende maten. En hoe meer ze dat doet, hoe fijner dat voelt. Ze zit in de ervaring, hier en nu, en dat is goed.

Maar hoe deze twee werkstukken te combineren?
Ze legt ze op elkaar. En als je goed kijkt zie je een zwarte stip in het midden tevoorschijn komen. Ze heeft een gaatje gemaakt in de stippentekening waardoor zij zichtbaar wordt.
En in plaats van een eenzame stip tussen de verschillende lijnen, is ze nu één van de stippen en past ze er volledig tussen. Op haar eigen manier in connectie met anderen en ieder is anders. ‘Dat voelt fijn’, zegt ze, ‘dat geeft me de mogelijkheid om mezelf te zijn tussen de anderen en connectie te ervaren vanuit hoe ik ben’.


