Relatie met Jezus: gebouwd of ontvangen? Onrust of rust?
Aan het begin van een nieuw jaar duikt hij vaak weer op: de oproep om “iets te doen”. Nieuwe gewoontes, nieuwe disciplines, nieuwe doelen. Soms krijgt dat een “vrome” vorm. Zo zag ik deze oproep online staan op 1 januari:
Als we het nieuwe jaar ingaan, laten we dan in plaats van dit of dat proberen te doen, eens iets doen wat er écht toe doet: het opbouwen van een relatie met Jezus.
Klinkt goed. Oprecht. Toch krijg ik er de kriebels van. Veel mensen die ik spreek, krijgen er ook (onbewust) onrust van. Hoe dan? Waarom?
Wat zeggen we eigenlijk met zo’n oproep? Want bijbels gezien schuurt het ook nog eens, en vaak geeft het een verkeerd beeld van onze relatie met Jezus. Want…
De relatie is er al
Die oproep stond in een groep voor christenen, maar eigenlijk geldt het voor iedereen: deze relatie kun je niet zelf maken of opbouwen. Je krijgt het, of je hebt het al, het is een geschenk.
De Bijbel spreekt opvallend heel concreet over onze verbondenheid met Jezus. Niet als iets wat nog moet ontstaan, wat wij moeten maken, maar als een werkelijkheid waarin je wordt neergezet:
“God is getrouw, door Wie u geroepen bent tot de gemeenschap van Zijn Zoon, Jezus Christus, onze Heere.” (1 Korinthe 1:9)
“Gemeenschap met Zijn Zoon, Jezus Christus” is geen toekomstproject, maar een roeping die al realiteit geworden is. Je bent daar al. Paulus gaat zelfs verder:
“Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij.” (Galaten 2:20)
Dat is geen prille relatie “in opbouw”. Dat is een eenheid die er al is. Jezus leeft al in jou.
Jezus zelf gebruikt ook datzelfde radicale beeld:
“Blijf in Mij, en Ik in u.” (Johannes 15:4)
Opvallend: Hij zegt niet ‘kom een band met Mij ontwikkelen’, maar ‘blijf’. De verbinding is er al. Zie je het verschil? Het lijkt een klein verschil, maar als je er eens goed over nadenkt… het verschil is enorm.
En het gaat nog verder:
God zet de eerste (en beslissende) stap
De Bijbel is heel consequent: het initiatief ligt niet bij ons.
“Hierin is de liefde: niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons liefhad.” (1 Johannes 4:10)
Zie je de volgorde en wie de eerste stap zet? Zie je het verschil? En:
“Door genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is de gave van God.” (Efeze 2:8)
Onze relatie met Jezus komt door genade, niet door ons werk. Ben je christen? Dan is het geschenk er al, de relatie bestaat al. Niet geïnitieerd door jou, maar door God zelf.
Het woord ‘bouwen’
Het verschil lijkt misschien klein, totdat je echt leest en gelooft wat God in Zijn Bijbel zegt. Dan wordt het ineens een groot verschil. Het probleem zit niet in dat verlangen naar nabijheid, niets(!) mis mee, maar in de suggestie dat jij het zelf kunt maken.
Bouwen suggereert: een beginpunt dat er nog niet was, vooruitgang door inspanning, resultaat als beloning.
“Ik bouw een relatie met Hem” klinkt alsof alles bij mij ligt: plannen, inspannen, presteren. En het probleem wat dan komt? Ik ben mens. Ik ben nooit genoeg, mijn inspanningen zijn nooit genoeg. Het resultaat: onrust, het gevoel dat ik nóg meer moet doen.
Maar God zegt het zelf: de relatie is er al, het is een geschenk. Het gaat erom ruimte te maken voor Zijn aanwezigheid, erop te vertrouwen dat Hij de eerste stap zet, en daarop te reageren. Niet om zelf iets te bouwen.
Kortom: het ene klinkt als werk, het andere als ontvangen en verdergaan met wat er al is.
Jezus zegt heel helder:
“Zonder Mij kunt u niets doen.” (Johannes 15:5)
Niet: “weinig”, maar niets.
Zodra je gaat denken dat jij het moet opbouwen, verschuift de focus van ontvangen naar presteren, van rust naar actie, van genade naar een project wat jij moet doen. En als je dat gelooft, krijg je juist geen rust, maar onrust. En juist die rust, die wil God je zo graag geven! Ontvang, in plaats van presteer.
Pas als je snapt dat God de eerste stap zet, dat je niets hoeft te bouwen, maar dat Hij geeft, dan komt er die Goddelijke rust. Je hoeft niet steeds meer te doen. Dan doe je dingen niet om er zelf iets voor terug te krijgen, maar gewoon voor Hem.
Maar groeit er dan niets?
Zeker wel! De Bijbel spreekt volop over groei, maar nooit als fundament van die relatie. Laat staan dat jij dat fundament zelf zou moeten of kunnen leggen.
“Zoals u dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandel in Hem.” (Kolossenzen 2:6)
Eerst aannemen, dan wandelen. Groei ziet er zo uit: vrucht dragen (Johannes 15:8), vernieuwd worden (Romeinen 12:2), opwassen in genade (2 Petrus 3:18).
Dit is geen relatie die je maakt, maar een relatie die je leeft. Zie je het verschil? Wie het ziet, ervaart rust. Wie het niet ziet of gelooft, blijft ronddraaien in de onrust van steeds moeten doen. En dat werkt niet.
Een beter woord is beter.
Misschien helpt een ander woord: verdiepen in plaats van opbouwen. Of nog beter: doorgaan met wat er al is.
“Opdat Christus door het geloof in uw harten woont.” (Efeze 3:17)
Paulus schrijft dit niet aan beginners, maar aan mensen die Christus al kennen. Het gaat niet om een relatie starten, maar om Hem ruimte geven in je leven dat je al hebt met Hem.
Geen nieuwjaarsproject
De relatie met Jezus is geen goed voornemen, geen checklist, geen discipline-uitdaging, geen spiritueel bouwpakketje.
Het is een geschenk.
“Uit Zijn volheid hebben wij allen ontvangen, en wel genade op genade.” (Johannes 1:16)
Niet: “ontvangen als we goed bouwen”. Maar: “ontvangen, punt”.
Misschien is dat wat echt telt aan het begin van een nieuw jaar: niet iets nieuws maken, maar rusten in wat al aan jou gegeven is door Hem.
In plaats van allerlei dingen proberen te doen, laten we dit jaar echt tijd nemen voor Jezus. Niet om iets op te bouwen, maar om ruimte te geven aan de relatie die er al is.
Het verschil met de eerste oproep lijkt klein, maar is enorm. De eerste oproep, waarmee we begonnen zijn als voorbeeld, vraagt dat jij iets maakt. De bovenstaande vraagt alleen dat je het laat gebeuren, dat je ruimte maakt voor wat er al is en wat Hij in jou doet.
Dat is waar rust begint. Ik wens je die rust van God toe in het nieuwe jaar.


