Falende aannameprocedures in kerken en zendingsorganisaties. Wanneer de oogst niet binnenkomt.

Lukas 10:2 “Hij zeide tot hen: De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig; bidt daarom de Here van de oogst, dat Hij arbeiders uitzende in zijn oogst.”

De oogst is groot, maar de arbeiders zijn er te weinig. En als het goed is bidden we allemaal voor meer arbeiders op het zendingsveld. Toch merken wij, dag in dag uit op het zendingsveld, dat het werk vaak stagneert, zelfs wanneer er mensen beschikbaar zijn.

Wat we te vaak zien bij de zendeligen die voor therapie of een retreat komen, is opvallend: soms komen de juiste mensen niet binnen, terwijl anderen met alle papieren, maar verder compleet ongeschikt, wel een plek krijgen. Het is een patroon dat we keer op keer tegenkomen. Laten we eens kijken naar dit spannende onderwerp dat te vaak vermeden wordt. (en ja, dit wordt een pijnlijk blogje…)

1. Geschikte mensen worden buiten de deur gehouden

Wij zagen het gebeuren: een man van 60+, oprecht gelovig en ervaren in gebed, wilde meedraaien in het gebedsteam van zijn kerk waar hij al meer dan 20 jaar lid van was. Hij had dit ook al jaren privé gedaan, wilde zijn bewezen talenten aanbieden voor het gebedsteam in de kerk, maar werd nu gevraagd eerst vijf avonden een gebedscursus te volgen op een locatie 100 kilometer verder. Pas daarna mocht hij meedoen. Die man van 60+? Die heeft ervoor bedankt, en het gebedsteam heeft nog steeds te weinig mensen.

Wat het nog schrijnender maakt: toen we de inhoud van die cursus bekeken, bleek dat de theologie ervan totaal niet overeenkwam met wat de kerk zelf uitdroeg. Er moest blijkbaar een training gevolgd worden die iets “bewijsde”, maar niemand had gecontroleerd of die training ook daadwerkelijk aansloot bij de leer van de gemeente. Het behalen van het papiertje bewees dus eigenlijk niets van waarde.

Om ons heen zien we te vaak hoe dit soort bureaucratische regels enthousiaste en bekwame mensen ontmoedigen. In de Bijbel worden mensen zoals Mozes, Debora en Barnabas geroepen op basis van hun hart en gehoorzaamheid, niet vanwege certificaten.

Toetsing is belangrijk: past iemand bij de roeping en heeft hij of zij de gaven om het werk te doen? Zeker. Maar wij zien te vaak dat procedures boven mensen gaan. Lukas 10:2 waarschuwt dat de oogst groot is, maar de arbeiders er weinig zijn. Laten we degenen die bereid zijn niet afschrikken.

2. Diploma’s garanderen geen roeping

Wat wij ook regelmatig zien, is dat (bijvoorbeeld) jonge leiders of voorgangers die formeel alles op orde hebben, in de praktijk tekortschieten. Binnen enkele maanden lopen de hulpvragen binnen, zoals huwelijkscrises, opvoedingsproblemen en verslavingen. Hun antwoorden zijn soms veel te theoretisch en sluiten niet aan bij de realiteit van de mensen die aan hen zijn toevertrouwd. Maar helaas, teamleider X is teamleider, omdat hij de theologische universiteit van X heeft gedaan.

Tegelijkertijd sluiten de huidige regels vaak mensen uit die geen diploma hebben, maar wel diepe wijsheid, praktische ervaring en een roeping om te dienen. In de eerste gemeenten van de kerk werd iemand niet beperkt tot diploma’s. Roeping en karakter waren doorslaggevend. Tegenwoordig kan iemand vaak alleen voorganger worden als hij de juiste papieren heeft, een systeem dat echte roeping vaak buitensluit. Het gevolg: leden kregen geen goede begeleiding bij huwelijksproblemen, opvoedvragen of persoonlijke crises, en de voorganger raakte al snel compleet afgebrand.

Voor het voorbeeld van die “overziener” zoals die voorganger is Titus 1:5–9 helder over wat een opziener moet zijn:

“indien iemand onberispelijk is, de man van één vrouw, gelovige kinderen hebbende, die geen beschuldiging van losbandigheid of weerspannigheid hebben; want een opziener moet onberispelijk zijn als een beheerder van het huis Gods, niet eigenzinnig, niet driftig, niet aan de wijn verslaafd, niet opvliegend, niet uit op schandelijke winst; maar gastvrij, het goede liefhebbend, bezadigd, rechtvaardig, heilig, ingetogen, vasthoudend aan het betrouwbare woord der leer, opdat hij in staat zij zowel te vermanen met de gezonde leer als de tegensprekers te weerleggen.”

Papieren garanderen dus geen geschiktheid. Zonder bijbelse toetsing met Titus 1:5–9 als leidraad (als het om een “opziener” gaat), toetsing op hart, karakter en praktische wijsheid lijdt de oogst. De kerk/het zendingsveld is geen proeftuin om “het vak te leren”; de schapen zijn echt, de wolven zijn echt. De kerk / het zendingsveld heeft een echte herders nodig.

3. Beschikbaarheid boven kwaliteit

Wat we ook te vaak zien foutgaan, is dat er wordt gestuurd op beschikbaarheid in plaats van kwaliteit.

Voorbeeld: Een zendingsorganisatie stelde een zomer-muziekteam samen op basis van wie beschikbaar was.

Jachthoorn (klassiek geschoold), drumstel (kwam uit het rock-‘n-rollcircuit), dwarsfluit (conservatorium), piano (geleerd met Stef Meeder boeken, geen grap) en een elektrische gitaar (met een verzameling voetpedalen waar je U tegen zegt). Have fun… Het resultaat was chaos. Ego’s botsten, karaktertypes pasten totaal niet bij elkaar, talenten waren ongelijk verdeeld, van echt samenspel was geen sprake, en de missie leed eronder. En eerlijk gezegd.. van een gezamenlijke missie was eigenlijk geen sprake.

1 Korintiërs 12:4–7 (NBG ’51) herinnert ons:

“Er zijn verscheidene gaven, maar de Geest is dezelfde; en er zijn verscheidene bediening, maar de Here is dezelfde; en er zijn verscheidene werkzaamheid, maar God, Die alles in allen werkt, is dezelfde.”

Beschikbaarheid alleen is echt onvoldoende. Wij zien keer op keer dat wie de oogst wil binnenhalen, aandacht moet hebben voor karakter, motivatie en talent. Een groep mensen is niet hetzelfde als een team. Met een team kun je winnen, met een groep heb je snel onrust en chaos.

4. Gezamenlijke toetsing door de gemeente

Toetsing is dus nodig, maar dit mag niet bureaucratisch worden. Handelingen 6:1–6 (NBG ’51) laat een voorbeeld zien dat het de verantwoordelijkheid van de gemeenschap is om zorgvuldig te beoordelen wie geschikt is:

In die dagen, toen het aantal discipelen toenam, ontstond er een klacht van de Griekse Joden tegen de Hebreeuwse, omdat hun weduwen verwaarloosd werden in de dagelijkse bediening. De Twaalf riepen de menigte van de discipelen bijeen en zeiden: Het is niet rechtvaardig dat wij het Woord van God verwaarlozen om de tafels te bedienen. Kies daarom, broeders, uit u zeven mannen van goede naam, vol van de Geest en wijsheid, die wij over dit werk zullen aanstellen. En wij zullen ons blijven toewijden aan het gebed en de bediening van het Woord. En zij stelden hen voor het oog van de hele menigte aan; en nadat zij hadden gebeden en de handen op hen gelegd, lieten zij hen gaan.

Je ziet in dat vers niets aan diploma’s, maar dat er een pittige toetsing is, dat is meer dan helder.

Wij zien in de praktijk dat deze gezamenlijke beoordeling vaak ontbreekt. We zien soms dat gemeentes de toetsing compleet uitbesteden aan een 3e partij en daarop vertrouwen. Dan wordt het te vaak een kwestie van papieren, beschikbaarheid of formele procedures met een formele commissie, terwijl bijbelse toetsing, karakter, geestelijke gaven en praktische bekwaamheid cruciaal zijn. Gezamenlijk, door de gemeente zelf en niet “uitbesteed” aan een 3e partij.

5. Vacatures die eigenlijk geen vacatures zijn

Wat wij ook steeds vaker zien, zijn zogenaamde vacatures die eigenlijk helemaal geen vacatures zijn. Op papier lijkt er een plek vrij, maar in werkelijkheid is het nog helemaal niet helder wat er moet gebeuren. Het kan bijvoorbeeld mooi lijken dat iemand X gaat doen, maar is dit een menselijke wens of echt Gods roeping voor dat werk?

Vaak merken we dat zulke functies meer lijken op een leuke wensenlijst van de organisatie dan op een plek die zorgvuldig is doordacht. Wanneer iemand zich aanmeldt, blijkt er nog niets geregeld te zijn. Het is dan aan de persoon zelf om uit te zoeken hoe het werk vormgegeven moet worden. Dit leidt niet alleen tot frustratie bij de nieuwkomer, maar ook tot ineffectief werk en verkeerde verwachtingen bij de organisatie.

Als organisaties bij zendelingen nadrukkelijk toetsen of de roeping klopt, waarom wordt er dan niet eerst nagedacht over de roeping van de functie zelf? Door dit na te laten, worden mensen op plekken gezet waar ze helemaal niet goed kunnen functioneren en komt de oogst opnieuw in gevaar.

Handelingen 6 laat zien dat zorgvuldig kiezen essentieel is. Net zoals de gemeenschap in die passage zeven mannen koos op basis van hun karakter, geestelijke gaven en wijsheid, moeten organisaties er ook voor zorgen dat functies doordacht zijn en werkelijk dienen tot Gods werk. Alleen zo kan de juiste persoon op de juiste plek komen en kan de oogst daadwerkelijk binnengehaald worden.

6. Valse vacatures

Je wilt een week, weken, maand, maanden, jaar, jaren dienen voor God. Je kijkt naar wat vacatures bij organisaties en ziet daar een vacature voor een muziekteam. Precies wat je past! Je gaat op gesprek bij het lokale kantoor in je thuisland. Ze vragen je de oren van je hoofd rondom het thema roeping. De vacature klinkt goed, je zoekt je sponsors bij elkaar, je kerk staat erachter, je wordt uitgezonden en je komt aan in het land waar jij aan de slag gaat.

Op dag één krijg je te horen dat er toch geen behoefte was aan iemand binnen het muziekteam. “Sorry”. Er is zelfs geen muziekteam. Maar het team dat kinderwerk doet, kan hulp wel graag gebruiken, want ze hebben een tekort daar. Of je daar wilt starten.

Als je aangeeft toch echt voor het muziekteam te komen (dat dus niet bestaat), krijg je te horen dat je dat dan zelf mag opstarten, maar dat je in de tussentijd wel flexibel moet zijn om in te springen bij het kinderwerk. Je gitaar komt daar goed van pas.

Dat is dag één, in een vreemd land, je kent niemand, spreekt de taal nog niet voldoende… Dag één. Dat belooft wat. Wat vertel je nu aan je uitzendende kerk? En die roeping dan?

Klinkt bizar? We hebben handenvol met dat soort voorbeelden… Het is allesbehalve een uitzondering. Je schaamt je kapot als je het alweer hoort. En het enige wat we helaas vaak kunnen zeggen: “Je dacht dat je de enige was die dit overkwam? Schaam je niet, je bent helaas niet de enige, het ligt helaas niet aan jou.”… Hoe vreemd ook, dat geeft vaak ruimte voor onze cliënten om er eindelijk, vaak voor de eerste keer na jaren, over te praten. Het lag niet aan hen; ze hoefden zich dus niet te schamen voor wat er gebeurd is. Eindelijk kunnen ze hun verhaal kwijt.

Geen idee waarom zendingsorganisaties dit doen. En als we het ze vragen, zeggen ze allemaal dat niet te doen. Terwijl wij de zendelingen-slachtoffers op therapie krijgen… En nee, het is niet één organisatie waar dit gebeurt… helaas. De velden zijn wit, maar wat soms de medewerkers wordt aangedaan… bizar.


Op het zendingsveld zien we dagelijks deze mismatch. De juiste mensen blijven buiten, terwijl anderen met alle papieren, maar verder ongeschikt, wel naar binnen komen. En als er geschikte mensen zijn, worden ze te vaak ingezet op een ongeschikte plek.

En het resultaat daarvan… die zien we wel bijna elke dag bij de cliënten die we hebben in onze therapiesessies voor zendelingen…. Iets gaat er te vaak gruwelijk fout.

Laten we bidden, zorgvuldig toetsen en degenen uitnodigen die werkelijk geroepen zijn, zodat arbeiders op de juiste plek komen en de oogst kan worden binnengehaald.


En…..

  • Misschien ben jij (zwaar) beschadigd door mensen die wel prima gecertificeerd waren, maar geen idee hadden wat ze jou aan deden.
  • Misschien ben jij, met al je ervaring, met je roeping om iets te gaan doen voor God, wel afgewezen omdat je de papieren niet had en snap je daar niets van.
  • Misschien zat je wel in zo’n team waar het allesbehalve goed liep… en jij zat er middenin…
  • Misschien ben je wel aangenomen op die vacature die niet echt bleek te zijn…
  • Misschien landde je wel met je gitaar in “Timboektoe”, en bleek dat muziekteam er niet te zijn…
  • Misschien…

Dan willen we je uitdagen om vooral niet naar mensen te kijken met al hun gedrag… maar te doen wat de Bijbel zegt:

Laten wij oog houden op Jezus, de leidsman en voleinder van ons geloof. (Hebreeën 12:2)

De Heer zegt: “Ik zal hem straffen die op mensen vertrouwt. Die vertrouwt op wat mensen kunnen, en die Mij niet meer vertrouwt. Hij is als een dorre struik in de woestijn, die geen regen krijgt. Hij woont in een droog, dor land, waar niemand kan leven. Maar Ik zal hem zegenen die op Mij vertrouwt en die zijn hoop op Mij heeft gevestigd.” (Jeremia 17:5–7)

Hou vol. Richt je ogen op God, vergeef mensen om hun domme (of ergere) gedrag. Laat het gaan, geef de duivel geen kans, word geen “dorre struik in de woestijn”. Ga naar God en Hij zal je zegenen als je op Hem vertrouwt en je hoop op Hem vestigt.

Wil je verder praten over dit onderwerp? Neem gerust contact met ons op. Je bent niet alleen.