Wanneer je bang bent dat God je laat vallen

Een aantal keer per maand horen we een vraag zoals deze van mensen die zeggen dat ze christen zijn:

Kan God mij nog wel willen, na alles wat ik gedaan heb?

Een andere versie is:

Kan ik mijn geloof (en daarmee redding) toch weer verliezen?

Die gedachten kunnen je kapotmaken. Je kunt denken dat je steeds weer op nul staat bij God. Je voelt je schuldig, onzeker, of bang om te falen. Sommige mensen raken compleet uitgeput, omdat ze denken dat ze hun plek bij God telkens opnieuw moeten verdienen. Anderen trekken zich terug uit schaamte. En sommigen leven met een stille (grote!) angst dat God hen ieder moment weer kan loslaten.

Maar de Bijbel laat iets heel anders zien. Niet iets zwaars of ingewikkelds, maar iets eenvoudigs dat rust geeft.


Wat God doet, staat vast

De Bijbel zegt dat God een mens één keer en voorgoed aanneemt dankzij Jezus. Niet omdat wij het zo goed doen, maar omdat Jezus het voor ons gedaan heeft. Paulus schrijft:

Wij dan, gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede bij God, door onzen Heere Jezus Christus (Romeinen 5:1)

Je ontvangt dit niet door harder je best te doen, maar door te vertrouwen op Jezus en wat Hij voor jou heeft gedaan. Het staat er heel simpel: je bent gerechtvaardigd door je geloof. Als je dat gelooft, dan krijg je ook die “vrede” waarover dat vers spreekt en verdwijnt die angst waar je wellicht mee rondloopt.

Geloof je niet dat het zo werkt (alhoewel de Bijbel meer dan duidelijk is dat het wel zo is), dan blijf je onrustig en is die “vrede” er dus ook niet. Heel simpel.

En zelfs dat vertrouwen dat wat er in dat vers staat, is iets wat de Heilige Geest in je hart legt en bewaart. Als het van onze kracht zou afhangen, zouden we geen dag standhouden en kun je er letterlijk gek van worden, van die onderliggende angst.

Daarom kan die plek bij God niet verdwijnen. Hij neemt niet terug wat Hij geeft. Als je bij Jezus hoort, ben je gered, ook wanneer je valt.

Zonde kan echter wel de nabijheid van God verstoren. Je kunt je ver van Hem voelen, schuldig of leeg. Maar dat betekent niet dat God je afwijst. De basis ligt niet in jouw trouw, maar in die van Jezus.

En hoe komt die nabijheid terug? Door tot inkeer te komen: eerlijk worden tegenover God, en weer naar Hem toe gaan. Dat is geen manier om opnieuw “goed te worden”, maar iets wat juist uit geloof voortkomt. David bad:

Geef mij de vreugde over Uw heil terug, ondersteun mij met een geest van vrijmoedigheid. (Psalm 51:14)

David vroeg niet om opnieuw geaccepteerd te worden, maar om weer dicht bij God te leven. Dat “heil van God” waarover David het heeft in dat vers is een vast gegeven, maar die vreugde die David had, die was weg.

Ook in de eerste christelijke gemeenten (zoals we die zien ontstaan in het Nieuwe Testament) ging ‘boete doen’ vooral over het zorgen dat iemand weer onderdeel werd van die gemeente. Het ging er dus niet om dat God die persoon opnieuw moest aannemen. God heeft je al binnengelaten in Zijn familie en wat God heeft gegeven, pakt Hij niet zomaar terug.


Het eenvoudige evangelie

God neemt je aan door Jezus, niet door je handelen. Hij houdt je vast. En wanneer je valt, brengt Hij je terug.

Dat is geen theologische puzzel. Het is het hart van het evangelie, eenvoudig genoeg voor ieder die bang is, en sterk genoeg om angst te vervangen door rust.


En wat als iemand zegt geen christen meer te zijn?

Soms hoor je verhalen van mensen die vroeger duidelijk in Christus leken te geloven, maar nu leven alsof ze dat niet meer doen. Dat kan ons bang of onzeker maken:

Als dat kan gebeuren bij iemand anders, kan het dan ook mij overkomen?

Het is belangrijk om hierbij een paar dingen te onderscheiden:

  1. Waren ze echt christen, of dachten ze dat te zijn?
    De Bijbel waarschuwt dat mensen zich christen kunnen noemen, maar dat niet werkelijk zijn. Jezus zegt: “Niet een ieder die tegen Mij zegt: ‘Heere, Heere,’ zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader” (Mattheüs 7:21). Alleen God kent het hart van iemand volledig. Wij (als mens) kunnen nooit met zekerheid zeggen wie echt gered is geweest en wie alleen leek te geloven.
  2. Zelfs echte christenen kunnen struikelen.
    Zoals we al zagen: wie zondigt of worstelt met zonde blijft veilig bij God, zolang Hij je in Christus heeft aangenomen. Alleen wie bewust en hardnekkig tegen God kiest, sluit zichzelf uit (Hebreeën 6:4-6). Maar iemand die echt in Christus gelooft, kan God nooit loslaten. Zo kom je weer terug bij punt 1.
  3. Focus op je eigen geloof.
    Het verhaal van anderen kan je bang maken, maar jouw relatie met God, jouw vertrouwen in Jezus en de Geest die in je hart werkt, zijn wat telt. Angst dat jou hetzelfde overkomt, kan je gevangen houden, maar rust vinden in Gods beloften is de sleutel tot rust.

Kortom: sommige mensen vallen van het geloof, maar dat zegt niets over Gods werk in jou. Of ze ooit echt christen waren, weten wij niet. Het hart van de ander ligt in Gods handen. Voor jou geldt: blijf vertrouwen, blijf bij Jezus, De Bijbel is meer dan helder in Romeinen 5:1.