“Op zieken zullen zij de handen leggen…”. Maar zo werkt het niet.
Laatst sprak ik alweer iemand die triomfantelijk zei: ‘In de Bijbel staat:
“Op zieken zullen wij de handen leggen en wij zullen genezen”, dus kunnen wij vandaag ook alle mensen genezen. Want zo staat het in de Bijbel.’
Detail: diezelfde persoon droeg een bril. Dat maakt het punt meteen duidelijk: zo simpel werkt het niet. Niet omdat God niet kan genezen, maar omdat dit vers vaak zonder context wordt gebruikt en dat misbruik zien we helaas te vaak.
1. Het vers beschrijft Gods macht, niet onze superkracht
Laten we eerst eens kijken waar dat korte stukje vandaan komt. Het staat in Markus 16, maar het gaat niet alleen over “genezen”, integendeel. Het hele vers luidt:
“Als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen: in mijn naam zullen zij boze geesten uitdrijven, in nieuwe tongen zullen zij spreken; slangen zullen zij opnemen; en al drinkt hij iets dodelijks, het zal hem geen schade doen; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen worden.” (Markus 16:17–18)
Zie je het verschil? Het gaat niet alleen om genezing. Het gaat ook over:
- boze geesten uitdrijven
- in nieuwe tongen spreken
- slangen opnemen
- gif drinken zonder schade
Als je dit letterlijk zou nemen, ontstaan bijna automatisch vragen als: ‘Kom even bij mij thuis een bakje gif drinken’, of ‘Steek je hand in de bak met slangen’, of ‘Waarom draag je eigenlijk een bril?’ Direct zie je dat zulke uitspraken absurd zijn en een ongelovige ziet dat meteen.
Maar in de “kerk” wordt er soms klakkeloos aangenomen: “De Bijbel zegt het, dus het moet waar zijn.”. Dat is zeer verontrustend.
En wat gebeurt er vaak als iemand niet genezen wordt? Dan luidt het antwoord: “Dat ligt niet aan mij, maar aan hun geloof. Hun geloof is te klein.” (Precies wat die mevrouw met de bril zei.)
Maar laten we even nadenken: als je eigen geloof te klein zou zijn om van die bril af te komen, laat staan om slangen of gif aan te kunnen, dan is dat helemaal absurd.
Conclusie: de stelling dat gelovigen iedereen kunnen genezen, mits hun geloof groot genoeg is, is volledig onhoudbaar.
Dus hoe zit het dan echt?
Het wordt meteen helder: de kracht komt van God, niet van onze handen. Het vers belooft niet dat gelovigen op elk moment een genezingswonder kunnen “produceren”.
En dat is precies waar we het nog wat verder moeten uitdiepen: dat genezing een gave van God is, een middel (waarvoor dat middel is, daar komen we zo op terug), en zeker geen automatische menselijke superkracht.
2. Context: niet elke gelovige heeft dezelfde gave
“…aan een ander geloof door dezelfde Geest, en aan weer een ander gaven van genezingen door die ene Geest.” 1 Korintiërs 12:9
Niet iedereen ontving dus dezelfde gaven. Genezing is een gave van de Geest, het is geen universele vaardigheid die iedereen krijgt.
3. Zelfs de apostelen genazen niet iedereen
In het Nieuwe Testament zien we dat zelfs de grootste dienaren van God soms niet genazen:
- Paulus had een “doorn in het vlees” (2 Korintiërs 12:7–9)
- Trofimus liet hij ziek achter (2 Timoteüs 4:20)
- Timoteüs had maagproblemen waarvoor Paulus hem medicinale wijn aanbeval (1 Timoteüs 5:23)
Dit laat zien dat genezing niet automatisch werkt, ook niet bij de meest trouwe volgelingen van Jezus. En dat betekent dus ook niet automatisch dat alle gelovigen in alle tijden dezelfde kracht bezitten, alsof het een vaste superkracht is.
God geneest. Soms direct, soms door artsen, soms door processen van herstel. Maar de Bijbel belooft niet dat iedere gelovige altijd geneest of dat iedere gelovige de gave van genezing heeft.
Het vers in Markus is bedoeld als bemoediging dat God door gelovigen kan werken, niet als een claim dat we Zijn rol kunnen overnemen.
4. Jezus deed wonderen om te bewijzen wie Hij is. Niet omdat genezing het doel was
Dit belangrijkste punt wordt vaak vergeten, maar de Bijbel is hier heel duidelijk over. Jezus’ wonderen waren bedoeld als bewijs dat Hij door de Vader gezonden was. Zijn tekenen bevestigden Zijn identiteit.
Jezus zegt zelf:
“De werken, die Ik doe in den naam mijns Vaders, die getuigen van Mij.” (Johannes 10:25)
En dat zegt Hij meerdere keren, op verschillende plekken, zoals ook in:
“…de werken, die Ik doe, getuigen van Mij, dat de Vader Mij gezonden heeft.” (Johannes 5:36)
Ook Petrus bevestigt dit nog een keer:
“…Jezus, een man, u van Godswege aangewezen door krachten, wonderen en tekenen…” (Handelingen 2:22)
De wonderen waren dus niet het doel, maar het bewijs. Het doel was: bekendmaken wie Jezus werkelijk is.
En dat is precies waar het bij veel moderne “genezen-bedieningen” misgaat: daar is de genezing zelf het doel geworden. Men wil vooral een wonder zien, een ervaring, een resultaat, maar het gaat niet meer om bevestiging van Gods waarheid, of om een getuigenis van wie Jezus is. In tegendeel…
Het wonder is dan het eindpunt geworden, terwijl het in de Bijbel juist een middel was om naar Jezus te wijzen.
Daarom klopt het beeld dat velen vandaag schetsen, alsof genezing een soort zelfstandige bediening of doel op zich is, totaal(!) niet met het bijbels model.
5. De moderne genezingsdiensten richten zich vaak op de verkeerde doelgroep
Nu we al het voorgaande hebben gelezen, komt het interessante punt: veel genezingsdiensten vandaag richten zich juist op gelovigen.
Maar gelovigen weten al wie Jezus is. Ze zijn dus niet de oorspronkelijke doelgroep van de Bijbelse wonderen zoals we dat helder hebben gezien in het vorige punt.
Het Bijbelse model laat zien dat:
- de wonderen bedoeld waren om ongelovigen te overtuigen
- de genezing een bewijs van Jezus’ identiteit was
- het nooit ging om de ervaring van de gelovige of “een wondershow”
Wanneer de focus van een dienst ligt op het wonder zelf in plaats van op Jezus, mist men het bijbelse doel volledig.
Conclusie
Het is prachtig om te geloven in Gods genezende kracht. Maar het is belangrijk om Bijbelteksten niet los te trekken uit hun context en er een soort geestelijke superheldenstatus van te maken.
De woorden van Jezus wijzen niet op onze kracht, maar op Zijn kracht, werkend door wie Hij wil, wanneer Hij wil en voor het doel waarvoor het bedoeld is. De focus van de Bijbel op wonderen is helder:
- De discipelen kregen specifieke opdrachten, maar dat betekent niet dat wij overal en altijd hetzelfde kunnen doen.
- Genezing is een gave van de Geest, niet een automatisch recht.
- Jezus deed wonderen om te bewijzen dat Hij door God gezonden was, niet om genezing als doel te hebben.
- Moderne genezingsdiensten richten zich bijna altijd op gelovigen en op het wonder zelf. Dat is theologisch onjuist, een enge dwaalleer, want gelovigen zijn niet de doelgroep van Bijbelse tekenen.
Het wonder is een middel, het doel is Jezus zichtbaar maken. Wanneer we dat vergeten, richten we ons op het verkeerde: op ervaringen, “ik heb die kracht”, “ik claim die kracht”, applaus, emoties, in plaats van op de ware bron van genezing en leven: Jezus Christus.
Ik word er serieus bang van als iemand zulke duidelijke Bijbelverzen niet begrijpt. Het zet je aan het denken: leeft deze persoon werkelijk in het licht van de God van de Bijbel, of wordt hij geleid door een valse leer of een misleidende profeet?