Altijd bereid, maar niet eindeloos discussiëren

Er staat een heel mooi vers in dat bijbel dat ons uitnodigt om klaar te staan om uit te leggen waarom we geloven. We moeten bereid zijn, ons geloof bewust leven, en het met zachtmoedigheid en eerbied delen.

“Maar heilig God de Heere in uw hart; en wees altijd bereid tot verantwoording aan een ieder die u rekenschap vraagt van de hoop die in u is, met zachtmoedigheid en eerbied.” (1 Petrus 3:15)

Maar dit betekent niet dat we ons moeten verliezen in eindeloze, zinloze discussies. In onze praktijk zien we het daar helaas te vaak fout gaan en dat is jammer…

Zodra je je uitleg hebt gegeven, en de ander jouw woorden gehoord heeft, is het aan hen wat ze ermee doen.

Als we blijven doorgaan met discussiëren met iemand die niet wil luisteren, verspillen we onze tijd en energie. Dat is niet efficiënt, en het gaat voorbij aan het doel dat God ons geeft: onze talenten en energie inzetten op een manier die echt vrucht draagt.

Er is nog een belangrijk punt: er zijn mensen die wél willen luisteren. Als wij ons laten meeslepen in eindeloze discussies met de verkeerde personen, hebben we voor diegenen die openstaan geen tijd of aandacht meer. Daarmee verwaarlozen we de verantwoordelijkheid die God ons geeft om onze gaven en talenten effectief te gebruiken.

We zien dit ook terug in hoe christenen vaak verstrikt raken in eindeloze discussies over details binnen de kerk of interkerkelijke debatten. Leuk en interessant, maar is je buurman al christen? Misschien weet je buurman niet eens dat jij christen bent. Terwijl het zendingbevel ons oproept om mensen tot Christus te brengen, kan al die tijd die we besteden aan interne discussies ertoe leiden dat we juist minder vrucht dragen in het werk dat God van ons vraagt.

De duivel is meesterlijk in het misleiden van mensen met discussies over details, juist omdat het lijkt alsof we goed bezig zijn, terwijl de echte opbrengst ontbreekt. Al die tijd die we daaraan besteden, leidt vaak niet tot meer christenen en als we niet oppassen, zelfs tot minder.

Een belangrijk aspect om te begrijpen is dat het God is die oren opent.

“God, de HEER, gaf mij een vaardige tong, waarmee ik de moedeloze kan opbeuren. Elke ochtend wekt hij mijn oor, zodat het toegerust is om aandachtig te horen. God, de HEER, heeft mijn oren geopend en ik heb geen verzet geboden, ik ben niet teruggedeinsd.” (Jesaja 50:4-5)

Dit vers benadrukt dat het God is die ons in staat stelt om te horen en te begrijpen. Het is niet aan ons om iemand te dwingen te luisteren of te geloven; dat is het werk van de Heilige Geest. Als je helder bent geweest wat God zegt door Zijn woord, is het aan de ander en niet meer aan jou.

De praktijk wordt zo helder:

  • We zijn altijd bereid om ons geloof uit te leggen, vriendelijk en duidelijk.
  • We doen dit met zachtmoedigheid en eerbied.
  • Zodra we ons werk hebben gedaan, laten we het resultaat los en geven we de ander de vrijheid om te kiezen. (en de consequenties van die keuze zijn dan ook voor die persoon en niet voor jou)
  • We gebruiken onze tijd en energie vooral daar waar het vrucht draagt: bij mensen die openstaan, en in het werk dat God ons direct opdraagt, zoals het zendingbevel.

Door dit principe te volgen, blijven we effectief, beschermen we onze energie, en zorgen we dat we aandacht hebben voor de mensen die wél openstaan. Zo wordt ons getuigenis krachtig, vruchtbaar, en trouw aan de wijsheid die God ons geeft.

Doe je mee?